Wat is diabetes?
Diabetes mellitus, kortweg diabetes, is een stoornis waarbij de hoeveelheid suiker in uw bloed te hoog is. Daarom spreken we ook wel van suikerziekte. Een andere term voor suiker in het bloed is ‘glucose’. Glucose komt uit de koolhydraten in onze voeding en zit bijvoorbeeld in jam, limonade, gebak, brood, aardappelen en rijst.
Insuline
Het hormoon insuline zorgt dat uw lichaamscellen glucose uit het bloed kunnen opnemen als energie. Die energie hebben ze nodig om goed te kunnen functioneren. Als de hoeveelheid glucose in het bloed toeneemt, zorgt insuline dat uw lichaamscellen meer glucose opnemen. Daardoor wordt de hoeveelheid suiker in uw bloed, het ‘glucosegehalte’, niet te hoog.
Oorzaak
Diabetes ontstaat door een tekort aan insuline, of doordat uw lichaamscellen minder gevoelig zijn geworden voor insuline. Lichaamscellen kunnen dan geen of onvoldoende glucose opnemen uit het bloed. De glucose blijft daar dan rondstromen, waardoor het glucosegehalte in het bloed te hoog wordt. Dat kan op de lange duur erg ongezond zijn.
Verschijnselen
Mensen merken vaak niet dat het glucosegehalte in hun bloed is verhoogd. Maar een te hoge bloedsuikerspiegel kan wel klachten veroorzaken, zoals dorst, veel moeten plassen en vermoeidheid. Ook kunt u last hebben van jeuk, of wondjes en huidinfecties die slecht genezen. Diabetes kan op den duur problemen veroorzaken aan uw ogen, voeten, nieren, zenuwweefsel en bloedvaten. Daardoor kunt u slechter gaan zien, pijn en tintelingen krijgen in uw armen en benen, problemen bij het lopen en seksuele stoornissen. Het is dan ook belangrijk diabetes snel en zo goed mogelijk te behandelen. Daarmee kunt u complicaties voorkomen.
Vormen
Er zijn twee bekende vormen van diabetes: type 1 en type 2. Bij diabetes type 1 maakt de alvleesklier geen insuline. Deze vorm treedt op vanaf de kinderleeftijd. Bij diabetes type 2 zijn lichaamscellen minder gevoelig voor insuline. Deze vorm komt het meest voor, bij zo’n 85% van de patiënten. Diabetes type 2 wordt vaak ‘ouderdomssuiker’ genoemd, aangezien het vooral voorkomt bij oudere mensen. Toch is die benaming misleidend. Ook jongere mensen kunnen diabetes type 2 krijgen. Bij diabetes type 2 speelt erfelijkheid een rol.
Voeding
Mensen met diabetes type 2 krijgen meestal eerst een voedingsadvies. Om het glucosegehalte in uw bloed normaal te houden, is vaak een aangepast dieet nodig. Het is belangrijk dat u gezond eet, gevarieerd en niet te veel. Ook is het van belang om uw gewicht onder controle te houden. Overgewicht verhoogt het risico op complicaties. De diëtist geeft advies en begeleidt u om uw eet- en leefgewoonten aan te passen. Zij heeft daarbij veel aandacht voor uw persoonlijke situatie. Doel is het glucosegehalte in uw bloed te verbeteren en zonodig uw gewicht te verlagen.
Medicijnen
Als uw glucosegehalte ondanks aangepaste voeding toch te hoog blijft, kan de huisarts medicijnen voorschrijven. Vaak gaat het om tabletten die het glucosegehalte in uw bloed verlagen. Helpen deze onvoldoende, dan moet u mogelijk insuline gaan gebruiken. Insuline spuit u in met een dun naaldje. Daarnaast adviseert de huisarts vaak middelen om uw bloeddruk en cholesterol te verlagen. Dat vermindert de kans op hart- en vaatziekten aanzienlijk.
